Breien voor beginners: zo leer je het stap voor stap
Breien voor beginners is veel makkelijker dan het lijkt: met twee breinaalden, een bol garen en twee basissteken maak je binnen een middag je eerste lapje. Je hoeft geen ingewikkelde patronen te kunnen lezen en ook geen handige oma te hebben. In deze gids leer je stap voor stap wat je nodig hebt, hoe je steken opzet, welke steken je als eerste leert en welk project je het beste als beginner kunt kiezen. Aan het eind weet je precies hoe je begint, plus wat je doet als een breifoutje toch even tegenzit.
Breien is daarnaast verrassend goed voor je hoofd. De rustige, herhalende beweging werkt kalmerend en helpt je te ontspannen, een beetje zoals mediteren met je handen. Het is een hobby van alle generaties, en juist met Kerst in aantocht is het een heerlijke manier om de avonden door te komen, dicht bij de kachel met een warme trui aan.
Wat heb je nodig om te beginnen?
Het mooie aan breien is dat je startuitrusting klein is. Je hebt eigenlijk maar twee dingen nodig: een paar breinaalden en een bol garen. De rest, zoals een schaar en een stompe naald om de eindjes weg te werken, heb je waarschijnlijk al in huis.
Voor je allereerste breiwerk raden we dik garen en dikke naalden aan, minimaal 8 mm. Met dik garen schiet je werk lekker op en zie je snel resultaat, wat extra motiveert. Kies bij voorkeur een effen, lichte kleur: op donkere of bonte wol zie je je steken minder goed, en dat maakt leren juist lastiger.
Onze knusse kersttruien om de gebreide sfeer in huis te halen
1Rudolph Kersttrui Dames – een vrolijke klassieker met een warme, gebreide uitstraling, ideaal voor je eerste kerstavond bij de kachel.
2Moomin Oversized Kersttrui Dames – heerlijk ruim en zacht, met de geliefde Moomin-figuren erop voor een knusse, nostalgische sfeer.
3Peperkoek Kersttrui Dames – schattig peperkoekmannetje-motief en een zachte stof die aanvoelt als een omhelzing tijdens de feestdagen.
Welke breinaalden kies je?
Er zijn drie soorten breinaalden, en als beginner heb je er maar één nodig. Rechte breinaalden zijn de klassieke naalden met een knop aan het uiteinde; die knop voorkomt dat je steken er aan de achterkant afglijden. Perfect om mee te starten, en ideaal voor recht breiwerk zoals een sjaal. Rondbreinaalden (twee naalden verbonden door een kabel) gebruik je later voor mutsen en truien die je rond breit. Sokkennaalden zijn korte naaldjes voor sokken en mouwen, iets voor wanneer je verder bent. Naalden van bamboe zijn voor beginners het fijnst: ze zijn iets stroever dan aluminium, waardoor je steken minder snel wegglijden.
Onze kersttip
Kerstlandschap Kersttrui Heren
Met Kerstlandschap Kersttrui Heren kruip je heerlijk warm de feestdagen door, van het kerstdiner tot de luie ochtenden erna.
De wikkel om elke bol garen vertelt je welke naalddikte erbij past, dus daar hoef je niet over te piekeren. Voor je eerste project is de soort garen wel belangrijk. Katoengaren is zacht, stevig en glijdt niet te veel, een prima beginpunt. Wol heeft meer rek en vergeeft daardoor je oneffen steken sneller, fijn als je nog zoekende bent. Acrylgaren is goedkoper en kleurrijk, ideaal om mee te oefenen zonder dat het in de papieren loopt. Begin met een rustige kleur, zo zie je je eigen werk het best.
Steken opzetten: de eerste stap
Elk breiwerk begint met het opzetten van steken. Maak eerst een lus en schuif die op de naald, niet te strak. Leg dan de werkdraad om je duim, steek de naald eronder door, haal de draad naar voren en trek voorzichtig aan. Herhaal dit tot je genoeg steken hebt. Het belangrijkste advies voor beginners: zet niet te strak op, anders trekt je breiwerk later krom en wordt de tweede rij een gevecht.
Hoeveel steken? Voor een eerste oefenlapje zijn 10 tot 15 steken genoeg. Dan ben je snel aan het eind van een rij en raak je het ritme sneller te pakken. Volg je een patroon, dan staat het aantal er gewoon bij.
Wil je tijdens het breien zelf lekker warm zitten, dan is onze knusse kleding een fijne plek om te beginnen.
De makkelijkste breisteken
Als beginner red je het al een heel eind met twee steken. Leer eerst deze, de rest komt vanzelf.
Rechte steek: de allermakkelijkste en de steek waar iedereen mee begint. Steek de naald van voor naar achter in de lus, sla de draad om, haal hem door en laat de oude steek van de naald glijden. Brei je elke rij recht, dan krijg je de ribbelsteek, met fijne golfjes aan beide kanten en dus extra geschikt om mee te oefenen.
Averechtse steek: het spiegelbeeld van de rechte steek. Hier steek je de naald van achter naar voor in. Wissel je rechte en averechtse rijen af, dan krijg je de tricotsteek met het bekende V-patroon, de steek die je in de meeste truien en sjaals ziet.
Maak je een foutje? Geen paniek. Bijna elke breifout is terug te halen door je steken voorzichtig van de naald te halen en opnieuw te breien. Niemand breit zijn eerste lapje perfect, en oefening baart kunst. Wil je de techniek wat dieper begrijpen, dan geeft het overzicht over breien op Wikipedia een mooie achtergrond bij de geschiedenis en de verschillende steken.
Wat brei je als beginner het beste eerst?
De klassieke tip is een sjaal, maar daar zit een addertje onder het gras: een sjaal is weliswaar makkelijk, maar duurt lang. De kans is groot dat je halverwege je motivatie verliest en het werk in een la verdwijnt. Begin daarom liever met iets kleins dat snel af is en je een echt succesgevoel geeft.
Goede eerste projecten zijn een pannenlap, een washandje, een klein mandje of een eenvoudige muts. Allemaal recht breiwerk waarbij je niet hoeft te minderen of meerderen, en allemaal binnen een paar avonden klaar. Heb je die onder de knie, dan is een sjaal of zelfs een trui ineens een stuk minder spannend. Bouw rustig op: elk afgemaakt projectje maakt het volgende makkelijker.
Liever de gebreide look zonder het breiwerk?
Een hele kersttrui breien is een prachtig doel, maar voor een beginner een flinke klus die zomaar weken kan duren. Wil je dit jaar tóch in een warme, gebreide trui onder de boom zitten, kies dan voor een kant-en-klaar exemplaar terwijl je rustig blijft oefenen op de kleine projecten. Zo geniet je nu al van de knusse look en heb je straks de vaardigheden om er zelf een te maken. Onze kersttruien hebben dezelfde gezellige uitstraling als handgebreide truien, en bij onze matchende kersttruien voor het gezin vind je bijpassende stukken voor iedereen.
Handig: de Engelse breitermen
Veel gratis breipatronen zijn in het Engels, en gelukkig is de woordenlijst kort. Het opzetten heet cast on, de rechte steek is knit, de averechtse steek purl, minderen is decrease, meerderen increase en afkanten cast off. Ken je deze zes, dan kun je een Engels patroon vrijwel altijd volgen. Let alleen op de garendiktes: termen als DK, Worsted en Chunky verwijzen naar verschillende naalddiktes, dus controleer altijd even de wikkel.
Garen bestaat trouwens in talloze materialen. Wil je weten waarom wol zo lekker warm en veerkrachtig is, dan legt de uitleg over wol op Wikipedia de eigenschappen van deze natuurlijke vezel helder uit.
Tot slot
Breien leer je niet uit een boek alleen, maar vooral door te beginnen. Pak dikke naalden, een lichte bol garen en zet vandaag nog je eerste steken op. Begin klein, vier elk afgemaakt projectje en bouw rustig op naar grotere dingen. Voor je het weet brei je je eigen sjaal, en geniet je ondertussen van de gezellige, gebreide kerstsfeer in huis.
Wist je dat?
Met twee basissteken, de rechte en de averechtse, brei je al bijna elk plat patroon.
Voor je eerste oefenlapje volstaan 10 tot 15 opgezette steken.
Dik garen met naalden van minimaal 8 mm laat je werk het snelst opschieten.
De zes Engelse kerntermen zijn cast on, knit, purl, decrease, increase en cast off.
Breien gaat sneller dan haken en kost minder garen.
Veelgestelde vragen over Breien voor beginners: zo leer je het stap voor stap
Begin met klein, recht breiwerk dat snel af is: een pannenlap, een washandje, een klein mandje of een eenvoudige muts. Een sjaal kan ook, maar duurt lang, dus iets kleins geeft je sneller een succesgevoel. Zo oefen je de basissteken zonder te hoeven minderen of meerderen.
De rechte steek is de makkelijkste en de steek waar iedereen mee begint. Brei je elke rij recht, dan krijg je de ribbelsteek, die met zijn golfjes extra geschikt is om mee te oefenen. Daarna leer je de averechtse steek, en samen vormen die de basis voor bijna alle patronen.
Het opzetten van steken is de allereerste stap. Maak een lus op de naald, leg de draad om je duim en haal er steeds een nieuwe steek bij, niet te strak. Zet voor een eerste oefenlapje 10 tot 15 steken op, dan ben je snel aan het eind van een rij.
De rustige, herhalende beweging van breien werkt kalmerend en helpt je te ontspannen, een beetje zoals mediteren met je handen. Veel breiers ervaren het als een fijne manier om tot rust te komen en hun hoofd leeg te maken na een drukke dag.
Rechte breinaalden van bamboe in een dikke maat (minimaal 8 mm) zijn ideaal om mee te starten. De knop aan het uiteinde voorkomt dat steken eraf glijden, en bamboe is iets stroever dan aluminium, waardoor je werk minder snel van de naald schiet.